Skip to content

1 maart 2011

1

F van Fado

Door Walter Slosse (1947-2016)

De economische en financiële crisis in Portugal blijkt een nieuwe voedingsbodem te zijn voor de fado. Zo liet Yannick Cador weten in zijn reportage uit Lissabon op 21 januari 2011 in het journaal van ARTE TV, de Frans-Duitse cultuurzender. De fado is altijd de spiegel geweest van de dagelijkse miserie van het Portugese volk dat zich al eeuwen vastklampt aan de saudade, het verlangen naar een onbereikbare betere wereld. In het spoor van Griekenland en Ierland blijkt Portugal nu ook stilaan de eindjes niet meer aan elkaar te kunnen knopen en neemt de armoede toe.

De gelatenheid waarmee de Portugezen tegen de groeiende werkloosheid en bezuinigingsmaatregelen aankijken, hoeft niet te verbazen. De jarenlange dictatuur tot 1974 heeft de Portugezen geleerd zich vast te klampen aan melancholie en terughoudendheid, zoals wordt gemeld op de webpagina van Presseurop. Opnieuw blijkt de fado ook weer het bindmiddel te worden tussen alle Portugezen, zoals dat ook het geval was tijdens de dictatuur van Salazar, die fadozangeres Amália Rodrigues als boegbeeld van de Portugese identiteit naar voren schoof.

Er gaat geen journaal voorbij over de crisis in Portugal, of er is wel een straatbeeld te zien met de gele tram die over de smalle straatjes van Lissabon klautert. De oude tramrijtuigen van de Carris blijven in dienst omdat die natuurlijk, net zoals de fado, een toeristische trekpleister zijn, maar ook omdat er voor het openbaar vervoer in het heuvelachtig gedeelte van Lissabon nog geen alternatief is gevonden. Legendarisch is de nog altijd bestaande Eléctrico 28 die klimt en daalt langs de steile hellingen van de Bairro Alto en het middeleeuwse Alfama.

In 2001 nodigde Walter Slosse de in Nederland wonende Portugese vertaalster Mila Vidal Paletti uit voor een rit met tram 28, geïllustreerd met muziek en zang uit Lissabon.

Luister hier naar Eléctrico 28 in het VPRO-programma De Wandelende Tak van 19 november 2001:

Net zoals de Argentijnse tango, heeft de fado zich ook buiten Portugal verder ontwikkeld. Zo werd de Portugese fadozangeres Cristina Branco eerst in Nederland bekend, om pas later in Portugal door te breken. In 1999 trok zij veel aandacht met haar CD Cristina Branco canta Slauerhoff, waarop zij door Mila Vidal Paletti in het Portugees vertaalde gedichten zong van de Nederlandse dichter Jan Jacob Slauerhoff (1898-1936). Hoe deze jong gestorven wereldreiziger in de ban kwam van de saudade, is duidelijk te lezen in zijn gedicht Fado.

Ben ik traag omdat ik droef ben,
Alles vergeefsch vind en veil,
Op aarde geen hoogre behoefte ken
Dan wat schaduw onder een zonnezeil?
Of ben ik droef omdat ik traag ben,
Nooit de wijde wereld inga,
Alleen Lisboa van bij de Taag ken
En ook daar voor niemand besta,
Liever doelloos in donkere stegen
Van de armoedige Mouraria loop?
Daar kom ik vele als mijzelve tegen
Die leven zonder liefde, lust, hoop…

Natuurlijk is de fado met Lissabon verbonden, maar zoals de Spaanse flamenco heeft deze volkskunst ook een universeel karakter. De saudade die de kern vormt van de fado, is immers een mengeling van nostalgie en onbestemd verlangen. Slauerhoff herkende zich ook in het noodlot dat in de fado wordt bezongen. Fado komt immers van het Latijnse fatum, en voor de Portugezen is de fado de uitdrukking van de fatalistische krachten die het lot van de mensen bepalen.

Luister hier naar het live optreden van Cristina Branco in De Wandelende Tak van 3 april 2000:

Hoeveel invloed tot op vandaag Slauerhoff is blijven uitoefenen staat te lezen in het boek Dertig Jaar Verslaafd aan Lissabon van de Vlaamse muziekdeskundige en cultuurhistoricus Paul Van Nevel. In de inleiding beschrijft hij hoe de verzen van Slauerhoff hem in 1973 naar Lissabon hebben gelokt, om er tenslotte een dertig jaar lange liefdesrelatie met de stad aan over te houden. Paul Van Nevel is leider van het Huelgas Ensemble dat de muziek uit de renaissance weer tot leven brengt. Hij doet ook onderzoek naar de verloren schatten van de Vlaamse polyfonie. Op de in Lissabon opgenomen CD Tears of Lisbon zorgde hij voor een  confrontatie tussen de Portugese polyfonie uit de 16e eeuw en de fado.

Luister hier naar Paul Van Nevel in De Wandelende Tak van 16 december 2006:

In zijn boek De Tranen van de Taag omschreef Dirk Lambrechts (1944-2006) de fado als een unieke, ongrijpbare versmelting van nostalgie, melancholie en hoop. Zijn boek is ook een reisgids die de lezer meeneemt langs de kroegen en restaurants van Lissabon en Coimbra, en waarin hij de grote figuren van de fado belicht, van Maria Severa tot Amália Rodrigues.
Hoe de in Amsterdam wonende Vlaamse kunsthistoricus, gitarist en restauranthouder Dirk Lambrechts zelf ten prooi viel aan de saudade, is te lezen in het archief van de Volkskrant.

Luister hier naar Dirk Lambrechts in De Wandelende Tak van 16 oktober 2006:

 

 

 

 

 

Portugal verdronken in Tranen
(Foto Walter Slosse)

 

Zie C van Coimbra voor de fado van de universiteitsstad Coimbra.

 

1 reactie Post a comment
  1. Mieke Vervoort
    Nov 19 2011

    Oh heerlijke fado! Ik kan er uren naar luisteren, vooral als mijn gemoed beroering verlangt.
    Ik ben heel blij dat je deze uitzendingen nu toegankelijk maakt voor mensen als ik, die zelden de kans hadden naar de radio te luisteren.
    Heel boeiend en leerzaam programma!
    Ook al heb ik destijds uren doorgebracht in het museum van de fado, uit deze causerie heb ik meer geleerd. Dank je!

    Beantwoorden

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Note: HTML is allowed. Your email address will never be published.

Subscribe to comments

%d bloggers op de volgende wijze: